Menu

Ik sta nu sterker in mijn schoenen

Written on 15 May 2019.

Jeroen Dejonckheere was eind vorig jaar een van de tien winnaars van de Innovatiecampagne van het Innovatiesteunpunt. Hij won de prijs met een machine die hij zelf bouwde om koolrabi te rooien en op te rapen. Voordien voerde de loonwerker dat werkje uit en er waren twee machines voor nodig. Met zijn innovatie kan Jeroen het werk op het gemengde bedrijf beter plannen. Bovendien kan hij zijn veld anders indelen, waardoor hij een grotere opbrengst haalt.

Met Jeroen is al de vierde generatie aan de slag op het gemengde landbouwbedrijf in het West-Vlaamse Elverdinge. Jeroens moeder houdt zich vooral bezig met de melkkoeien, zijn vader met de vleesvarkens en Jeroen met de akkerbouw, hoewel ze mekaars taken ook kunnen overnemen. Voor de akkerbouw doen ze op drukke momenten ook een beroep op losse arbeidskrachten. “Ik vind net de combinatie van de verschillende takken zo leuk”, vertelt Jeroen. “In het najaar gaat de meeste aandacht naar de akkerbouw. Daarna komen de koeien op de eerste plaats. Mijn vader zegt mij wel dat ik ooit zal moeten kiezen, maar ik wil liefst proberen om zo lang mogelijk te combineren. Ook om het risico te spreiden is dat interessant.” Sinds de afschaffing van het melkquotum melkt de familie vijftig koeien extra en dat doen ze zonder zwaar te investeren. “We hebben vooral uitgebreid in de akkerbouwtak. We pachten vrij veel land.”

Koolrabi

De familie Dejonckheere teelt aardappelen, wortelen, suikerbieten, mais, tarwe, bonen en koolrabi. Tien jaar geleden nam koolrabi twee hectare in; nu teelt Jeroen acht hectare. “Het blijft al bij al een kleine teelt. Daarom is het voor loonwerkers niet interessant om hier veel in te investeren. Dat liet zich voelen: er was maar een kleine capaciteit wat rooien betreft. Het ging meestal niet zo vlug en er moesten altijd twee personen aan de slag zijn, waardoor het natuurlijk ook meer kostte.” Het was dus de bedoeling van Jeroen om het rooien efficiënter te maken en de hectareproductie te verhogen. Daar is hij in geslaagd door een aangepaste machine te bouwen, want hij kan nu meer planten telen op dezelfde oppervlakte.

“In vorig voorjaar ben ik gestart met een zaaimachine aan te kopen. Voor koolrabi bestond die niet, dus ik heb een machine voor uien omgebouwd. Toen ik zaaide, had ik een rij meer staan op drie meter dan het jaar voordien. Door die extra rij was rooien met de bestaande machines niet mogelijk en ik moest nu wel mijn eigen rooier bouwen. Dat was een beetje een gok en het was ook wel stresserend, maar uiteindelijk is het gelukt.”

Voorheen moest Jeroen tussen de rijen koolrabi altijd ruimte laten voor de tractor. Het systeem dat hij zelf beoogde, zit vóór de tractor, zodat hij breder kan rooien. Daar had hij bij het zaaien al rekening mee gehouden. De machine zat toen al in zijn hoofd, maar in de praktijk was er nog niks. “Ik was zelf een beetje beginnen te tekenen en in eerste instantie leek het ontwerp mij redelijk eenvoudig. In grote lijnen is het ook eenvoudig, maar de details bleken moeilijker dan verwacht. Samen met mijn schoonbroer en een vriend heb ik de details dan verder uitgewerkt. We hadden wel geluk, want bij de eerste uitvoering bleek de machine precies datgene te zijn wat we ervan verwacht hadden. Dat moest ook wel, want zonder die machine kon ik mijn dikker ingezaaide koolrabi niet rooien. De dag nadat de machine klaar was, reed ze al over het veld. En met een positief resultaat, dus.”

De machine heeft allerlei voordelen. “Ik haal 15% meer opbrengst en ik kan meer dan tweemaal zo snel rooien, met een minstens even goede kwaliteit. Natuurlijk is ook de arbeidsefficiëntie veel beter. Ik spaar één werkkracht uit en doordat ik het zelf doe, kan ik het beter inpassen in mijn werk op het bedrijf. Het zou bijvoorbeeld moeilijker liggen wanneer de loonwerker om 7 uur start en wij moeten dan nog melken. Nu doe ik alles zelf en begin ik gewoon een uurtje later.”

Sterke onderhandelingspositie

“Het bedrijf wordt groter en we moeten proberen om met zo weinig mogelijk mensen zo veel mogelijk gedaan te krijgen. Deze machine was een gokje, maar ik ben heel blij dat ik er toch voor gegaan ben. Ik sta nu sterker in mijn schoenen wanneer ik in gesprek ga met de fabriek: ik kan telen op een grotere oppervlakte en gemakkelijker en sneller aanleveren. Dat maakt van mij een flexibelere partij om mee samen te werken. Bovendien appreciëren ze dat we gaan voor vernieuwing in de sector.”