Menu

Naar een meer duurzame pluimveehouderij via brongerichte vermindering van ammoniakemissie

De pluimveehouderij wordt in toenemende mate geconfronteerd met steeds strengere eisen omtrent milieu en maatschappelijk acceptatie. Ammoniakemissie is een belangrijk knelpunt en de reductie ervan is prioritair.

Zo is er de Europese NEC-richtlijn en de eis tot ammoniakemissie reductie in het kader van de Programmatische Aanpak van Stikstofdeposities (IHD-PAS). Maar wetswijzigingen gedurende de afgelopen 15 jaar (verbod op diermeel en een strenger antibiotica toezicht) hebben geleid tot meer (darm)gezondheidsproblemen. Dit impliceert nattere mest, meer N-excretie, een verhoogde ammoniakvorming en een toename van voetzool- en haklaesies.

Omdat milieu en dierengezondheid in sterke mate de maatschappelijke opvatting over de sector bepalen én door de toenemende druk om tot een antibioticavrije productie te komen, wordt de thematiek rond ammoniakemissie nog pertinenter zodat bedrijfsvoortzetting of –uitbreiding niet in gedrang komen en herlocatie wordt vermeden.

Vandaag ontbreekt het de pluimveehouders echter aan werkbare maatregelen. Dit omdat potentiële reductie-strategieën ofwel onvoldoende ontwikkeld zijn, ofwel een sterk negatieve impact hebben op het bedrijfsinkomen. De problematiek wordt versterkt door de kosten-intensieve metingen die nodig zijn om nieuwe technieken officieel ammoniakemissiearm te laten verklaren. Dit is een struikelblok voor innovatie.

Het algemene doel van dit LA-traject is de pluimveesector verder op weg helpen naar een maatschappelijk gedragen emissiearme pluimveehouderij. Hiertoe zal dit project ammoniakemissies reduceren via een brongerichte aanpak. Dit wordt geconcretiseerd door het aanleveren en implementeren van effectieve en efficiënte voeder, ventilatie en managementstrategieën.

De focus van dit project zal in eerste instantie gericht zijn op de vleeskuikensector, waarbij spill-over van de bekomen inzichten naar de leghennenhouderij mogelijk is.